DictionnaireLe forumContacts

   Allemand +
Google | Forvo | +
nom | nom | verbe | phrases

Schlag

[ʃlaːk] m -(e)s, Schläge
génér. stoot m
agric. hakken m; houtoogst m; kap m
industr., constr. inslaan; openen; ophalen; plukken m; reinigen
soins. cardiovasculaire collaps; shock m
schlagen n
constr. gaten slaan
ein Seil oder Tau schlagen n
constr. slaan; touwslaan m
mit einem Hammer schlagen n
constr. met een hamer slaan
an den Haken schlagen n
constr. aan de haak slaan
ein Bogen schlagen n
constr. een boog slaan
schlagen v
génie m. klinken; slaan
pisc. touw slaan
Schlag v
agric. vellen; kavel
agric., constr. blok
agric., écon. perceel
astr., transp. neerslaan
génie m. persslag
génie m., constr. slag
industr., constr. stoppen
métall., constr. botsing; schok
scient., science d. onrondheid
élevag. ras
Schlagen v
agric. slaan van room; kloppen
génie m. pingelen
génie m., électr. klappen
schlagen
: 50 phrases, 19 sujets
Agriculture3
Chimie1
Construction2
Électronique6
Entreprise1
Finances2
Général14
Génie mécanique3
Industrie2
Industrie alimentaire1
Loi1
Loisirs et passe-temps1
Mathématiques1
Métallurgie1
Microsoft1
Sciences de la vie1
Sciences naturelles3
Technologie3
Transport3