DictionaryForumContacts

   English Dutch +
Google | Forvo | +
single
 single
gen. singularis
agric. enen; op enen zetten; opeenzetten
med. op een zetten; op enen zetten; enen; eenpersoonskamer; éénbedskamer
| root
 root
gen. worteleinde
comp., MS hoofdmap
environ. wortel
industr. construct. met. boordvoet
IT mastersegment
life.sc. wortel
met. grond van de las
nat.sc. aanslaan; bewortelen; wortel schieten
I - only individual words found

noun | verb | adjective | to phrases

single

['sɪŋg(ə)l] n
gen. singularis m
agric. enen; op enen zetten
to single ['sɪŋg(ə)l] n
med. op een zetten; op enen zetten
singles v
industr., construct. poil
singling ['sɪŋglɪŋ] v
agric. opeenzetten
single ['sɪŋg(ə)l] adj.
gen. alleenstaand
agric. opeenzetten
mech.eng. eenling
med. eenpersoonskamer; éénbedskamer; solitair; solitarius
nat.sc., agric. enkel; enkelvoudig
to single ['sɪŋg(ə)l] adj.
med. enen
 English thesaurus
single ['sɪŋg(ə)l] abbr.
abbr. sin
abbr., IT sng
tech., abbr. sgle
SINGLE ['sɪŋg(ə)l] abbr.
abbr. Stay Intoxicated Nightly, Get Laid Everyday
single-root I
: 1 phrase in 1 subject
Microsoft1